Vandaag is het veertig jaar geleden dat 'A Clockwork Orange' van Stanley Kubrick in wereldpremiere ging. In Amerika. Het duurde nog even voor hij naar Nederland kwam. En daarna duurde het weer even voor hij naar Leeuwarden kwam, zo was de wereld toen nog. Maar daarna was hij nooit meer weg te denken.
maandag 19 december 2011
Viddy well!
Vandaag is het veertig jaar geleden dat 'A Clockwork Orange' van Stanley Kubrick in wereldpremiere ging. In Amerika. Het duurde nog even voor hij naar Nederland kwam. En daarna duurde het weer even voor hij naar Leeuwarden kwam, zo was de wereld toen nog. Maar daarna was hij nooit meer weg te denken.
zondag 18 december 2011
Kerstmarkt, Kunstmin en leverworst

,,Zijn de heren op de Kerstmarkt geweest'', vroeg barman Peter van cafe Sint Joris in Dordrecht. We (Lars en ik) waren het binnengegaan vanwege het mooie behang. De inrichting van het cafe kwam niet overeen (van die witte designrestaurantstoelen), maar Peter maakte dat goed. Hij is een ouderwets goede barman, die niet alleen een biertje neerzet, maar ook nootjes en erbij komt staan voor een praatje.
Sterker nog, terwijl we aan de bar gingen zitten zette hij de Turkse muziek uit (de enige anderen in het cafe waren een stuk of zes Turkse mannen, die in een hoek zaten te kaarten) en klonk ineens 'Zondag' van Andre Hazes.

We waren inderdaad op de Kerstmarkt geweest van Dordrecht. Naar het schijnt de grootste van Nederland en in elk geval een erg mooie. Op elke straathoek stond zowat een koortje, zelfs in de kerk (foto hierboven) zongen ze gospels. Er was een levende kerststal met een echte kameel en een Maria met leesbril. En het gulle aantal poffertjeskramen werd nog overtroffen door het aantal suikerspintenten.
Een jongetje ging bijna schuil achter zijn suikerspin.
,,Hadden ze geen grotere'', vroeg ik hem.
,,Jawel'', zei zijn vader meteen. ,,Die staat zijn moeder nu te kopen.''
Een nogal gezette vrouw in een jas stond inderdaad te wachten op haar suikerspin. Niet op een stokje, maar in een groot formaat plastic emmer, waar de suikerspindame de ene streng na de andere in propte, alsof ze een kussen vulde.
Toen de emmer na verrassend lange tijd vol was, mocht ik hem even tillen.
,,Weegt helemaal niks hoor'', zei de moeder al. ,,Maar het is heerlijk.''
,,Hoe eet u dat dan?'', vroeg ik.
,,Heerlijk voor de televisie'', zei ze. ,,Daar doe ik wel twee, drie dagen mee.''
Achter haar rug gebaarde haar man dat het in één avond op zou zijn.
Terug naar cafe Sint Joris. Barman Peter kende de kerstmarkt wel, hij is in Dordrecht geboren en getogen en blij dat hij er weer woont. Lekker rustig: ,,Uiteindelijk wil je toch het liefst huisje, boompje, beestje.''
Want vijftien jaar lang in Rotterdam was hem niet in de koude kleren gaan zitten. Op het laatst had hij daar drie cafes waarvan een in Delfshaven. Maar dat ging daar allemaal zo hard achteruit, daar hadden wij geen weet van. Alles kwam er, Albanezen, Tsjetsjenen zelfs.
Op zich kon het hem niet schelen, iedere klant was welkom, en in de horeca houdt niemand schone handen. Maar soms zaten er wel vijf of zes met wapens in de zaak, en dat vinden andere klanten dan weer niet plezierig. Bovendien, als de politie invalt ben je zo je vergunning kwijt.
,,Kun je daar eigenlijk wel iets tegen doen, als zo'n groep min of meer je zaak overneemt?'', vroegen we.
,,Zeker wel'', zei Peter. ,,Andere muziek draaien bijvoorbeeld. Hier verderop in Dordt is een cafe waar steeds meer kampers kwamen. Dus daar zijn ze klassiek gaan draaien, en Frans. Dat hielp goed.''
,,Of je gaat gewoon hapjes serveren. Leverworst, ham: dat mogen ze niet hebben, he. Je cafe Het Biggetje noemen, dat werkt ook.''
We waren niet zomaar in Dordrecht. Zojuist hadden we Kunstmin bezocht, de schouwburg van Dordrecht, voor een voorstelling van Theo Nijland. Dat is een zanger en liedjesschrijver, die nu ongeveer klaar is met zijn theaterprogramma 'In andere handen'.
Daarin speelt hij zowel zichzelf als een soort Johannes Heesters, die in deze voorstelling Carl Östers heet. Ga maar na: Östers is een stokoude operettezanger, die in Duitsland triomfen had, maar in Nederland verguisd wordt omdat hij voor Hitler en misschien zelfs in een nazi-strafkamp op heeft getreden. De namaak-Heesters was nogal hatelijk over zijn generatiegenoten: Marlene Dietrich en Lotte Lenya vond hij maar niks.
Het was kleinkunst, dus je moet er van houden. Nijland kan een knap moppie spelen, maar het gleed bij ons langs. Het ging eigenlijk nergens naartoe. Dit is ook een manier om met Jopie Heesters om te gaan, stelden we na afloop vast, maar die van ons is leuker.
Daar vielen we barman Peter allemaal niet mee lastig, alleen al omdat hij zelf zoveel te vertellen had. Zo begon hij er zonder aanleiding over, dat hij nooit in voodoo had geloofd, maar tegenwoordig wel. Marokkaanse voodoo, wel te verstaan.
Hij was zeven keer in het land geweest, en echt waar jongens, daar heb je zo honderd vrouwen om je heen. Mensen hebben het over Thailand, maar dit is veel erger. Dat was hem de eerste keer in Marokko zuur opgebroken, hij was blij dat hij weer thuis was en zijn lichaam kon herstellen.
,,De vrouwen daar hebben een iets dat ze in je drankje doen en dan ga je naar ze verlangen'', verklapte Peter. ,,Maar als je ze afwijst, zijn er ook andere middeltjes.''
Dat had hij een keer gehad: 's avonds helemaal ziek en misselijk. Zwart braaksel kwam er uit zijn mond, terwijl hij niks van die kleur had gegeten. Terug in Nederland stuurde zijn arts hem meteen naar het ziekenhuis, dit hadden ze nog nooit meegemaakt.
,,Peter!'', riep een van de Turkse kaartende mannen in de hoek.
Hij ging erheen om te bedienen, ons met een cliffhanger achterlatend.
Want we moesten met de trein terug. Daarin zat een mooie hazewindhond (bovenste foto) die naar ons keek alsof hij ook niet alles begreep, maar het wel interessant vond. Zo'n gevoel hadden wij in elk geval aan Dordrecht overgehouden.
donderdag 15 december 2011
Vallende kwartjes

Er waren twee gastlessen geboekt op Windesheim, waar ik aanstormende journalisten (eerstejaars) iets mocht vertellen over het dagelijks werk op een krant. In andere lokalen waren ook zulke praatjes 'uit het veld', ondermeer van Netwerkverslaggever Ronald Sistermans.
Omdat een krant niet sexy is, waren er niet genoeg aanmeldingen voor twee keer en hoefde ik maar eenmalig, voor een klas van zo'n dertig leerlingen. Het was in Gebouw X, bekroonde architectuur die er nog niet was toen ik een jaartje lesgaf op die school.
Een uur vertelde ik hoe leuk het is om bij een krant te werken, omdat je er vrij snel iets voor elkaar krijgt. Een stuk sneller dan op tv, hield ik ze meteen maar voor. Want iedereen op Windesheim droomt ervan de nieuwe Mart Smeets te worden (de jongens althans), terwijl ze al blij mogen zijn als ze een uitzoekbaantje krijgen op de redactie van Studio Sport.
Eva, die het geregeld had, stuurde me net een bloemlezing uit de geschreven reacties van haar leerlingen. Dit zijn ze.
Bij het gastcollege over de krant viel mij op dat Eva toch wel erg vaak gelijk heeft. De grootste tip die Asing Walthaus ook mee gaf was: “schrijven, schrijven en schrijven.” Dit roept Eva ons het hele jaar al toe. Het mooie is dat dit dus niet alleen de ervaring van mijn docent is maar ook van mensen uit het vak. Op dit moment is er voor mij ook echt een kwartje gaan vallen. En ben ik meer gemotiveerd geraakt om ook mijn teksten goed te gaan schrijven.
Asing heeft mij nieuwsgierig gemaakt naar de werkzaamheden bij de krant. Het feit dat je veel vrijheid hebt en dat je kan doen wat je bedacht hebt spreekt mij erg aan. Ik was eerst heel stellig dat ik niet bij een krant wou werken, maar na dit college lijkt het me toch leuk. Het is niet alleen maar een kwestie van deadlines, maar ook van veel uitdagingen en plezier.
Het gastcollege van Ronald Sistermans vond ik interessant, maar saaier dan het vorige gastcollege. Hij vertelde met minder passie voor zijn vak dan Asing Walthaus.
Door de manier waarop Asing vertelde over zijn ervaringen bij de krant, lijkt het me eigenlijk wel leuk om daar te werken. Het lijkt me fijn om vrijer te zijn in wat ik doe, en daarom lijkt een baan bij een (regionale) krant me best leuk.
We zullen zien of dit blijvend is. Want hoe leuk krantenwerk ook is, je komt van je levensdagen niet met je kop op tv.
(De foto maakte ik van het blackboard in de leraarskamer. Deze had ik nog nooit eerder gelezen.)
zaterdag 10 december 2011
Het is Shadow!

Als Sinterklaas te Ballum en Hollum kan ik melden dat alle schoolkinderen daar de film Penny's Shadow hebben gezien. Velen hebben hem zelfs als dvd in hun schoen gevonden.
Dus het was mooi dat de Sint dinsdag op de Friezin Maaike door Hollum reed, een van de hoofdrolspelers uit die film. Ze vond het maar zo-zo, die wit-rode wapperlap op haar rug.
Naast de Sint liepen de hele route lang twee meisjes die verrukt naar andere meisjes riepen: ,,Het is Shadow! Het is Shadow!''
Het is dat de Sint daar te fatsoenlijk voor is, maar ik had met mijn meest barse Sint-Nicolaasstem tegen ze moeten zeggen: ,,Shadow? Shadow? Om wie gaat het hier eigenlijk? Dit is verdomme Sint Nicolaas op een paard, ja?''
(De bovenste foto vond ik op twitter, hij is gemaakt door Jos Kamphuis. De foto op school kreeg ik van Walraven Hofker.)
maandag 5 december 2011
Een andere Sint

Youri uit groep 1 van 't Ienster, de school van Ballum, is vier jaar. Hij begon dadelijk tegen Sinterklaas te spreken toen die vanmorgen op school langskwam. Een belletje speeksel hing op zijn kin, zo geestdriftig was hij.
Hij deed ook mee aan het toneelstukje van groep 1 en 2, waar alle leerlingen zich met een doos verkleed hadden tot lopende cadeautjes. Op de dozen hadden ze geschreven waarom ze Sinterklaas zo leuk vinden. De ene waardeerde de lange baard, de ander de gouden staf, een derde vond Sinterklaas zo fijn rustig. Maar bijna iedereen vindt Sint vooral leuk omdat hij snoep en cadeautjes brengt, daar maken ze geen geheim van.
Youri vindt de Sint leuk vanwege de Pieten. Hij volgt het Sinterklaasjournaal en vroeg bezorgd: ,,Waar is de verlaten Piet?''
Ik had geen enkel benul wat hij bedoelde. ,,We zijn nog op zoek'', zei ik diplomatiek. ,,Maar dat komt wel in orde hoor.''
Daarmee was de kous voor Youri wat dat betreft af, maar er was nog een ander thema. Hij bekeek me intensief en zei: ,,Jij lijkt helemaal niet op de echte Sinterklaas van televisie.''
,,Waarom niet?'', kaatste ik terug.
,,Die heeft een bril op'', zei Youri.
,,Ik ook, kijk maar goed'', zei ik. ,,Dit is mijn Amelandbril.'' Als ze vier zijn kun je daar nog mee wegkomen. De geloofwaardigheid neemt wel toe als er cadeau's en pepernoten volgen.
(De foto is gemaakt door Tim Hoomoedt. De handen zijn van Janke de Boer-Nagtegaal. Een paar echte Sinterklaasfoto's staan hier.)
Zum Jopie's 108. Geburtstag
Gisteren mocht Jopie Heesters na een weekje ziekenhuis naar huis, zodat hij vandaag zijn 108-ste verjaardag kan vieren. Gefeliciteerd!
Voor de liefhebbers staan hierboven wat fragmentjes aan elkaar geplakt, voor de liefhebbers. Hij doet zelfs een stukje Nederlandpromotie, als hij een zaal vol Duitsers 'Daar bij die Molen' laat meezingen. Dat deed hij weer bij zijn historische optreen in Amersfoort, 2008, je hoort Lars en mij meebrullen. Niet helemaal zuiver, ben ik bang.
Dat liedje is volgens Heesters een echt Nederlands volksliedje. Dat weet ik niet, hoewel de meeste Nederlanders het vermoedelijk wel kennen. Met de intrigerende tekst:
,,Daar bij die molen / Die mooie molen / Daar woont het meisje / Waar ik zoveel van hou''
Want zou het eigenlijk niet moeten zijn: ,,Daar woont het meisje van wie ik zoveel hou''?
Abonneren op:
Posts (Atom)
