dinsdag 12 februari 2019

If you don't like Texas weather

Vier dingen die ik overhield aan mijn surrealistische tripje naar Fort Worth, Texas - maandag heen, woensdag terug.

➽ Veel tijd om zomaar wat rond te lopen was er niet, maar het kon net lang genoeg om in een souvenirwinkel met laarzen, leren riemen, namaak-nummerplaten met voornamen en stickers If you don't like Texas weather, wait a minute ook een Trump-peper en zoutstel te zien. En een Trump-wijnfleshouder. Ze hadden ze ook van cowboys en armadillo's, maar deze waren raarder. Ik heb er niet een gekocht, misschien had het gemoeten.

➽ In de bus naar het vliegveld zat ik naast iemand die tot 2011 bij de Koninklijke Luchtmacht had gezeten. Hij was eruit geraakt bij de grote bezuinigingen, had wat anders gedaan, maar toen het weer aantrok was hij bij de luchtmacht teruggekeerd.

Alle toelatingstests moest hij opnieuw doen, zelfs de psychologische test. ,,Daar kwam uit dat ik niet creatief ben en niet van kunst hou, dus ik ben geschikt voor defensie'', zei hij. ,,Dat had ik ze zo ook wel kunnen vertellen.''

➽ De woensdagochtend dat we naar Lockheed Martin zouden om de onthulling van de Nederlandse F-35 bij de wonen, stond een reisbus met geblindeerde ramen voor ons klaar bij het Marriott Hotel At The Stockyards. Die ceremonie was pas om tien uur, maar we moesten om kwart voor acht al in het hotel klaarstaan.

Alleen mochten we de bus nog niet in. Een klein vrouwtje in een jas met K9 Unit was met een herdershond de bus aan het inspecteren.

 ,,His name is Boomer’’, vertelde ze  toen ze weer buiten was. ,,He's looking for stuff that goes boom.’’

Het was een niet eens heel grote herdershond, met een spitse kop, die schrander uit de ogen keek. Hij droeg een tuigje, waarop stond Don’t Pet Me. Niet aaien.

 In mijn broekzak voelde ik dat ik daar nog een pepernootvormig koekje had van Schumi.

,,Mag ik u een koekje voor hem geven?’’, vroeg ik de vrouw.  ,,Ik heb het nog bij me van mijn eigen hond.’’

 Ze stak het in haar zak. Voor later, denk ik, als Boomer zijn best had gedaan.

 ,,Het is Nederlands, dus misschien smaakt het anders dan hij gewend is’’, waarschuwde ik.

 ,,That’s great’’, zei de vrouw, met echt Amerikaans enthousiasme. ,,Boomer komt ook uit the Netherlands!’’


➽ De presentatie, daar is genoeg over geschreven.

Het was een kruising tussen showbizz, geopolitiek en economie, het Wilhelmus en de Star Spangled Banner klonken, ik zong ze allebei zachtjes mee maar niet veel anderen deden dan.

Een hangar van Lockheed Martin was als theaterzaal aangekleed en op alle stoelen lag een oranje cowboyhoed met de kleuren van de Nederlandse vlag als een streep erover. Verschillende bezoekers zetten hem op, maar dat was mij net wat te gek. Er waren zoveel van die hoeden, dat een doos vol mee terug ging naar Nederland. Wie er nog wat meer wilde voor zijn kinderen of zo kon op het vliegveld in Eindhoven naar hartenlust grabbelen.

Ik heb hem alleen op verzoek van Kirsten even opgehad, zodat ze er een foto van kon maken.

,,Snel zijn'', waarschuwde ik. ,,Want dit gaat echt niet lang duren.''

Willem Helfferich was er ook, die als een nestor geldt van de journalisten die over straaljagers schrijven. Hij was er ook al in 1979, toen de F-16 naar Nederland kwam, vertelde hij.

,,Ging dat ook zo?'', vroeg ik. ,,Met een show van dj's en oranje cowboyhoeden?''

,,Wat denk je zelf'', zei Willem Helfferich.

(De onderste foto is van Kirsten Beek)



maandag 11 februari 2019

De dia's van Paping



Reinier Paping, winnaar van de Elfstedentocht van 1963, kwam vrijdag een kijkje nemen in Tresoar. Daar werd een dik vijf uur lange compilatie vertoond van bewegende beelden van Elfstedentochten, te beginnen met die van 1917.

Ik had dit wat amateuristische filmpje (voor de website van de LC werd het afgekeurd...) naar Wybren gestuurd, die terug mailde: ,,Held! Held!'' Daarom dacht ik, ik zet het hier even neer. Voor de liefhebber. 

I don't like Sneek / I love it

Toen Graham Gouldman als jonge twintiger in de jaren zestig zijn eerste Britse hits schreef, voor allerlei bands uit die tijd, deed zijn vader hem vaak ideeën aan de hand voor teksten.

Goldman, inmiddels 72, vertelde dat zaterdagavond in het Bolwerk in Sneek, waar hij optrad. Ik was er met Arjen.

Zo wilde zijn pa op een dag langsgaan bij vrienden, die hij al een tijd niet had gezien. Maar die waren niet thuis. Wel stond er een lege melkfles op de stoep met een briefje voor de melkboer: 'No milk today'.

Goed idee voor een liedje, zei pa.

,,That is a really terrible idea'', zei zoon. ,,Een liedje over melkflessen.''

,,You're missing the point'', ging pa door. ,,De melkfles is een metafoor voor eenzaamheid.'' Zo leer je songs schrijven.

Gouldman leek ze zo uit zijn mouw te kunnen schudden. Zo vertelde hij bij een andere song, Memory lane (kende ik niet, komt van een recent album Love and work). Had hij geschreven in de tijd dat hij bij 10cc zat en er even een pauze was in een reeks optredens. Een goede gelegenheid, dacht hij, om zijn vrouw zijn geboortestad Manchester te laten zien, dus daar waren ze die dag doorheen gewandeld, hij had zijn huis van vroeger laten zien en zijn school. ,,It was a really beautiful day'', zei hij weemoedig. ,,Beautiful.'' En zoiets is dan genoeg voor een song.

Gouldman heeft een bril op en speelt zittend op een barkruk. Hij klinkt soms een beetje als Paul McCartney als hij zingt, maar dan wat nasaler. En McCartney is soms echt schor.

Hij liet zich begeleiden door drie anderen, die eveneens zaten. Een van hen was van tevoren al op het toneel om alle gitaren en een ukelele tegen zijn oor te houden; die deed later slagwerk. Het publiek zat trouwens ook.

Al die gitaren op standaards leidden soms tot ingewikkelde toneeltjes, omdat de drie ze tussen de nummers door onderling ruilden of andere pakten. ,,You can not have enough guitars'', zei Gouldman, na een bijzonder ingewikkeld heen-en-weer gedoe.

Hij begon in zijn eentje, met Pamela Pamela, dat een hitje was van Wayne Fontana. Goed begin, want dat is een liedje over vroeger (,,When Laurel and Hardy were shown at the flicks'') en eigenlijk ging dit hele concert ook over vroeger. Zelfs het publiek was in zekere zin van vroeger.

De playlist was verder:

Heart full of Soul (hit van de Yardbirds)
No Milk Today (hit van Herman's Hermits)
Good Morning Judge 
Sunburn (dat schreef hij voor een film met Farrah Fawcett, die geflopt is)
Love's not for me (uit de tekenfilm Animalympics)
Look through any window (hit van de Hollies, bedacht toen hij in de trein zat en overal naar binnen kon kijken)
Daylight
Dancing Days 
Bridge to your Heart (hit van Wax. ,,Heeft hij dat ook al geschreven'', zei Arjen verbaasd.)
Let's get Lost
I'm not in Love (,,Probably the song thet 10cc will always be remembered for'')
Bus Stop (hit van de Hollies)
Ariella (zo heet mevrouw Gouldman)
The Things we do for Love 
Memory Lane 
For your Love (hit van de Yardbirds)
Ready to go Home 
Dreadlock Holiday (de zaal mocht meezingen, wat een beetje gebeurde. Hij sloot af met ,,I don't like Sneek / I love it.'')


Minder 10cc-nummers dan toen hij tien jaar geleden met grotere bezetting in de Oosterpoort speelde, maar dat werd destijds als 10cc-concert verkocht.

Na afloop bleven bezoekers nog wat dralen in het café van Het Bolwerk. Je wist maar nooit of deze legende zich nog onder het gewone volk zou begeven.

Een oudere man die de elpee Animalympics bij zich had klampte mensen van het Bolwerk aan om te kijken of hij een handtekening van Gouldman kon krijgen. Maar die signeerde vanavond niet, hij is net terug uit Japan, begreep ik en gaat volgende week in Engeland toeren.

Zelf kocht ik voor de aardigheid dat laatste album, Love and work. Als elpee. Dat is ook iets van vroeger.

maandag 4 februari 2019

De Eposhoed

Vorige week vlogen we met de DC10 van Defensie naar Texas.

Heel veel verschil is er niet met een burgervlucht, maar er is meer beenruimte, je moet je eigen muziek, films of boek meenemen, je krijgt veel meer chips en de demonstratie van de veiligheidsriem - zo aantrekken! - , het zuurstofmasker - zo op het gezicht doen! - en het zwemvest - bevindt zich onder uw stoel! - wordt gedaan door mensen in groene overalls met militaire badges.

Ze trokken ook nog een propperig opgevouwen dingetje uit een gele plastic hoes, ter demonstratie. Uitgevouwen leek het op de kap van een imker, afgezet met aluminiumfolie. Onderaan zit een afsluiting die aan nylon of zo doet denken, waar je je hoofd door moet steken en dan heb je voor veertig minuten zuurstof. Korter als je paniekerig en snel gaat ademen.

Dat is de EPOS-hoed. Epos staat voor Emergency Passenger Oxygen System. Je doet hem op als er ineens giftige gassen in de lucht zijn.

Hij mag pas weer af, zeiden de stewards, als zij het zeggen. ,,Of als je blauw begint aan te lopen’’, mompelde mijn buurman, die intussen zat te lezen in The 7 Habits of Highly Effective People. De stewards propten intussen de eposhoed weer terug in het hoesje, wat veel meer tijd kostte dan het eruit halen.

Op de spiegel van het toilet waren stripfiguurtjes geplakt, om te voorkomen dat je handdoekjes in het toilet gooit. Daar is een speciaal prullenbakje voor. Links veegt een van die figuurtjes mijn mond schoon.

Nog een verschil met burgervluchten is dat iedereen hier met elkaar kletst. Mensen staan in groepjes bij elkaar en praten zo een uur lang. Dat komt waarschijnlijk omdat ze elkaar allemaal kennen: de KDC10 is gevuld met militairen, leden van de luchtmachtkapel, zakenmensen en pers.

Ook bij mijn buurman, die al was gestopt zich te verdiepen in de gewoonten van uiterst efficiente mensen en op zijn laptop officiele stukken las, kreeg nu en dan bezoek. Een van hen keek mee op de laptop en riep uit: ,,Zit je Nato-stukken te lezen? Ik heb net een hele stapel Nato-boeken weggeflikkerd! Lekker de boekenkast opgeruimd.’’

 Dat klonk als de gewoonte van een uiterst efficiënt mens.

maandag 21 januari 2019

Good & Bad & Ugly & ik


Hier sta ik tussen The good, the bad and the ugly in de Cinémathèque Française in Parijs. Deze wand met negen verlichte foto's was meer verleiding dan ik aankon. Vandaar dat Joop me er op de foto heeft gezet.

The good (Clint Eastwood) en the ugly (Eli Wallach) doen net of ze me niet doorhebben, maar Lee van Cleef (the bad) kijkt me aan vanuit zijn ooghoeken.

De Cinémachèque is het Franse filmmuseum en -archief. Vroeger zat het in Palais de Tokyo, vlakbij de Eiffeltoren, maar daar vloog twintig jaar geleden het dak in de fik. Daarom zit het nu in nieuwbouw in het Parc de Bercy, ontworpen door sterarchitect Frank Gehry. Het is een beetje weggestopt tussen lelijke hotels, overheidskantoren en een stadion, maar dat geeft niet, want het gaat om de binnenkant.

De vaste opstelling in het filmmuseum is aardig. Een paar tandwielen uit Modern times van Charlie Chaplin, het gemummificeerde hoofd van de moeder uit Psycho, van Alfred Hitchcock, veel kostuums en heel veel apparaten uit de oertijd van de film.

Maar ik was er voor de speciale tentoonstelling over Sergio Leone. De Italiaanse filmmaker die minder aanzien heeft dan  Fellini, Pasolini, Antonioni of Bertolucci, maar die wel The Good, the Bad and the Ugly heeft gemaakt, waar ik als vijftienjarige heel, heel diep van onder de indruk was.

Dat ben ik trouwens nog.

Daarnaast maakte Leone ook Once upon a time in the west, waar Bertolucci trouwens aan het script meewerkte - die claimde dat dankzij hem een vrouw de hoofdpersoon was. En Once upon a time in America, die ik hoognodig moet terugzien. En dan die lange, gerestaureerde versie.

Het is geen reusachtige tentoonstelling, maar wel een mooie. Veel over zijn voorgeschiedenis, dankzij zijn pa (filmmaker) en moeder (actrice) was hij al vroeg bij de film betrokken.

Zijn kleine rolletje in Ladri di bicicletti is te zien, wat foto's uit de eerste film die hij zelfstandig regisseerde (Il colosso di Rodi).

 En dan gaat het los, met die klassieke westerns met de ultrastoere Clint Eastwood.

Over een paspop hangt de poncho die Eastwood bij A Fistful of Dollars, For a Few Dollars More of The Good, the Bad and the Ugly aan zou hebben gehad, maar die ziet er eigenlijk veel te nieuw en niet-gedragen uit voor een kledingstuk midden jaren zestig.

Mijn wantrouwen werd nog versterkt door de soortgelijke poncho's die je voor 79,90 euro in de museumwinkel kon kopen.

Nou ja, over die tentoonstelling heb ik in de Leeuwarder Courant wel geschreven.










zaterdag 19 januari 2019

Erectie-alarm

Pim de la Parra, die met Wim Verstappen een geruchtmakend filmduo vormde in de jaren zeventig, sprak ons toe vanaf het scherm. Dat was in Eye in Amsterdam, waar maandag een gerestaureerde versie van Blue Movie uit 1971 vertoond werd.

De kern van het Cinema Ascona-bestuur was erbij. Het kwam goed uit dat de penningmeester juist een vintage-stoel verkocht had aan iemand in Amsterdam en er met zijn grote auto toch heen moest.

De uitwisseling gebeurde, heel filmisch, in het schemerduister voor het Eye-gebouw.

Zelf had ik het Scorpio Scrapbook in de tas, een aardig boekje over de films van Pim & Wim en een aflevering van het blad Skoop over het Blue-Movie-gedoe van toen.

De film gaat over een jongeman (Hugo Metsers) die vijf jaar vast heeft gezeten omdat hij gerotzooid had met de vijftienjarige dochter van een notaris uit zijn dorp. De reclassering (Helmert Woudenberg) heeft hem een woning in de splinternieuwe Bijlmer in Amsterdam toegewezen.

De flat zit vol verveelde geile huisvrouwen, die als smoesje voor seks kopjes suiker lenen. Dus Metsers doet het overal, tot in de lift toe met een blondine van wie ons kritisch bestuurslid na afloop per se de naam wilde weten. Die heet Marijke Boonstra.

Zij is niet Fries, maar we vonden toch een Fries tintje in de film. Want in een van de woningen hangt de poster Artis Moet Blijven in de gang. En daar staat José op, al heel lang de vriendin van de vaste Ascona-bezoekers. Die in Surhuizum wonen. Voilà, trivia!

De film was eerst afgewezen door de filmkeuring - toen bestond er nog zoiets - en na een krachtig en erudiet verweer van Verstappen (dat in zijn geheel in Skoop werd afgedrukt) alsnog goedgekeurd. Kort daarna hield de filmkeuring op te bestaan.

Pim de la Parra, die de bezoekers van te voren toesprak in een filmpje vanuit Suriname, vertelde gniffelend hoe weinig er maar gebumsd werd (dat woord gebruikte hij) en hoeveel aanstoot er was geweest omdat het lid van Hugo Metsers zich tijdens de opnamen verhief en je dat net in het kader van het beeld kon zien.

Zo herinnert hij zich dat misschien, maar er klopt weinig van. Hugo Metsers zijn piemel, slap en half stijf, kwam ruim in beeld. Hij doet het vooral met Carry Tefsen, die later bekend zou worden als Mien Dobbelsteen in de serie Zeg eens Aaa.

Na afloop werden allerlei betrokkenen voor het doek gehaald, voor een nagesprek. Dat was een wonderlijk gedoe, omdat de microfoons niet goed werkten en bovendien onduidelijk was of iedereen er wel was.

Bill van Dijk bijvoorbeeld, later een musicalster en in deze film een burgermannetje dat er aan de geile flat ten onder gaat, was er niet.

Maar wel Hugo Metsers (rechts op de foto) en Carry Tefsen. Zij was goed te herkennen, maar hij is volkomen veranderd.

De indrukwekkende bakkebaarden zijn verdwenen en er staat nu een vriendelijke, kale senior met een brilletje.

,,Mag ik u een handtekening vragen in mijn Scorpio Scrapbook'', vroeg ik hem.

,,Ja leuk, natuurlijk'', zei hij, en zette een elegante lange krabbel onder een foto waar hij zelf een halve eeuw jonger op staat.

Ook Carry Tefsen zette een handtekening, maar dat was meer het soort paraaf dat leraren vroeger in klassenboeken zetten. ,,Hij is niet zo mooi'', zei ze er zelf bij.

Er waren meer van zulke fans. Achter ons zaten twee jongens die allerlei posters hadden meegenomen en dezelfde Skoop die ik ook had.

De secretaris van Cinema Ascona liet de dvd van Blue Movie door haar tekenen, zodat we nu al over drie gesigneerde dvd's beschikken:

Andy, Bloed en Blond Haar
Spetters
en deze.

We hadden destijds Daniel ook moeten laten signeren, maar daar hebben we toen zo snel niet aan gedacht.