maandag 4 december 2017

Sinterklaas en de billen van mijn moeder



De 'middengroep' van obs 't Ienster in Ballum was speciaal voor Sinterklaas in drie stukken ingedeeld: de kinderen die in Leeuwarden geboren zijn, de kinderen die in Dokkum geboren zijn en de kinderen die op Ameland zijn geboren. Een driedeling waar de Sint nog nooit bij had stilgestaan, maar die op zich logisch is.

Bij de kinderen die in Dokkum ter wereld kwamen was ook Caiden, een knaapje dat direct zijn hand opstak toen Sinterklaas vroeg wie zich dat nog kon herinneren. ,,Ik kwam eruit bij de billen van mijn moeder'', vertelde hij, ,,en ik liet meteen een hele harde scheet.''

Echt waar, vroeg Sint. Ja, het was echt waar, zei Caiden.

Die drie groepen deden spelletjes met de Pieten als tegenspelers, en ze wonnen. Wat ze vierden met het zingen van het Wilhelmus (de Leeuwarders), het Fries volkslied (de Dokkumers) en het Amelander volkslied (de Amelanders).

Zo had de Sint het nog niet eerder meegemaakt. ,,Het Fries volkslied?'', zei een gemeente-ambtenaar die ik dat later vertelde. ,,En we hebben net weer een ontheffing voor het Fries!''


Er was een wat ingewikkeld verhaal aan Sint en zijn Pieten verbonden: een Piet, het was op een filmpje te zien, was gaan parachutespringen en werd daarom nu per ambulance binnengebracht.

Een mooie gelegenheid voor de Sint om met Eduard Visser op de foto te gaan, die per slot van rekening een soort van collega is.

(Foto's Suzanne Oosterkamp)

donderdag 30 november 2017

Mijn eerste frites en een kersttrui


Voorzitter Gerrie van der Meulen heette me welkom in de Kurioskerk, waar ik een lezing kwam geven voor Vrouwen van Nu, afdeling Leeuwarden. ,,We hadden de vorige keer wethouder Sjoerd Feitsma'', vertelde ze enthousiast. ,,Over 2018. Dat was zo leuk! Dan hoor je ook eens wat de gedachte erachter is, want dat weet je allemaal niet.''

De lat ligt hier hoog, zoveel was duidelijk.

Toen ze me vroegen, in februari (Vrouwen van Nu plannen ver vooruit), wilden ze ook meteen weten wat ik voor beloning wilde hebben. Ik vroeg een gebreide trui. Per kerende post kreeg ik te horen dat zoiets niet zou lukken, want alle vrouwen werken mee aan de Grootste Gehaakte Deken van de Wereld, ook een 2018-project.

Daar kwam voorzitster Van der Meulen bij haar introductie op terug. Ze haalde een kersttrui van de Postcodeloterij uit een linnen tasje, die ze me alvast als beloning gaf. Ik trok hem dadelijk aan. ,,Het kraagje van uw overhemd zit niet goed'', riepen een paar Vrouwen van Nu moederlijk vanuit de zaal. Verschillende bezoeksters maakten een foto.

Voor een redelijk volle zaal vertelde ik over de Leeuwarder Courant, over Ameland, over 2018, over Richard Hageman en ik las een aantal columns voor. De bezoeksters wilden weten over Fries in de krant, over hoe het ging toen we van avondblad ochtendblad werden (ik hield een kort referendum bij handopsteken, van een overgrote meerderheid mogen we ochtendblad blijven), waarom de bezorging soms hapert.

In de pauze kwam iemand bij me. ,,Toen de Leeuwarder Courant tweehonderd jaar bestond heb ik bij de spreekwoorden- en gezegdenpuzzel een reis gewonnen, een week naar Zeeuws-Vlaanderen'', vertelde ze. ,,Van daaruit zijn we overal naartoe geweest, Brugge, Antwerpen... En ik heb voor het eerst van mijn leven frites gehad.''

Vond ik zo mooi dat ik met haar op de foto wilde.

Na afloop vertelde Van der Meulen dat mijn verhaal minstens zo onderhoudend was geweest als dat van Sjoerd Feitsma, en ik bovendien langer aan het woord ben geweest. Voldaan fietste ik naar huis, met mijn warme nieuwe kersttrui nog aan.

(Foto Gerrie van der Meulen)

zaterdag 25 november 2017

Deze meiden verpesten de atmosfeer

Op de dvd Leeuwarden in film, waar ik deze week een stuk in de LC over schreef, staan ook opnamen van het kaalknippen van 'moffenmeiden'  of 'moffenhoeren', zoals meisjes die tijdens de bezetting met Duitse soldaten omgingen genoemd werden.

Mem vertelde daar wel eens over. Zij heeft het kaalknippen destijds als twaalfjarige gezien, als ik me haar verhalen goed herinner bij de Beurs. Jaren later kon ze er nog emotioneel van kon worden omdat het er blijkbaar nogal genadeloos en vernederend aan was toegegaan.

De weerzin tegen deze vrouwen, dat is op de korte filmfragmenten duidelijk zichtbaar, zat diep.

Dat bewijst ook het commentaar van K. in de Leeuwarder Courant van zaterdag 21 april 1945. De krant heette toen overigens Leeuwarder Koerier en K was, neem ik aan, J.J. Kalma.

Hij schrijft dat afgelopen zondag en maandag ,,een groot aantal vrouwen'' zijn opgehaald, ,,die met Duitschers hebben omgegaan''.

,,Het getal van deze zogenaamde Moffenmeiden is in Leeuwarden helaas vrij hoog. Leeuwarden heeft op zedelijkheidsgebied een vrij slechte naam'', schrijft K.

 ,,Er zijn mensen die medelijden hebben met deze wezens, die de naam vrouw kwalijk waard zijn. Wij stellen er prijs op in dezen duidelijke taal te spreken: Deze vrouwen waren het, die meehielpen om het de Moffen hier goed te geven. Zij dienden den vijand, zij verrieden de Nederlandse mannen en het Nederlandse vaderland.''

,,Daarom bevreemdde het ons te moeten horen, dat reeds Dinsdag weer verschillende van deze meiden waren vrijgelaten. Plaatsruimte schijnt daarvan de oorzaak te zijn geweest, maar het gevolg was, dat Dinsdagavond vele van die meiden al weer de straat opgingen en nu met Canadezen aanpapten.''

K. heeft een oplossing: ,,Deze meiden verpesten de atmosfeer. Zij horen in een gezuiverde maatschappij niet thuis. Voor het minst dienen ze, in afwachting van nadere beslissingen, geïsoleerd te worden in kampen.''

Hij komt er een paar dagen later op terug, vanwege lezersreacties. ,,Een lezer merkt op, dat dit te ver gaat. Hij schrijft letterlijk: 'Meent de heer K. werkelijk, dat het gros van deze vrouwen zich bewust was van verraad? Wij geloven eerder dan verreweg de meesten van hen kwalijk weten, wat landverraad is. En men kan een blinde toch moeilijk beschuldigen, omdat hij niet kan zien'.''

Geen excuus, vindt K. Mensen hebben democratische plichten en moeten daarin opgevoed worden. Hij haalt professor Bonger aan, die stelt dat democratie voor alles een kwestie van karakter is. ,,Konkreet uitgedrukt'', schrijft K. ,,Is er van een Moffenmeid of een zwarten handelaar nog een behoorlijk Nederlander te maken?''

Zijn antwoord: ,,Het zal moeilijk worden en veel geduld en geloof vergen.''

maandag 13 november 2017

Een bitterbal met wormpjes

Tijdens het Noordelijk Film Festival mocht ik voor de camera van Omrop Fryslân een bitterbal opeten. En daarnaast wat zeggen over film.

Het waren geen gewone bitterballen die Fredau Buwalda en ik voorgeschoteld krijgen, maar insectenhapjes: er zat een vulling in van buffelworm, als ik het goed heb onthouden. Verder is het een bitterbal zoals vele andere, net wat te heet als je er in bijt, met een krokante buitenkant en een schaaltje mosterd erbij om hem in te dopen.

We konden ook nog kiezen uit gefrituurde sprinkhaan op een stokje en geroosterde (of zo) meelworm in een puntzakje. Ik at ze allemaal, wat dat aangaat begin ik op mijn hond te lijken, die snaait ook alles mee.


maandag 30 oktober 2017

De expert van De Neitiid

Vroeger - om precies te zijn van 1987 tot 1992 - had je het blad De Neitiid, een onderneming van de onvermoeibare amateur-historicus Jan Post. Het omslag was een fotokopie van een geblokte theedoek.

Hij schreef erin, zorgde voor artikelen van anderen en bracht het zelf rond, op de fiets. Het had 170 abonnees, lees ik op de website die Jan aan het blad heeft gewijd. Ik was er een van.

Hij schrijft:
Als de oplage geperforeerd, gelijmd en droog was werd het eerste exemplaar bij de onnavolgbare  kroegbaas Jeen de Vries  aan de Zuidkade  in Drachten gebracht. Een plaats waar Rink van der Velde nooit zou komen, mar “tiden hawwe tiden”, zullen we maar zeggen. Vervolgens werden dan de dagen daarop enige rondes gedaan. Eentje in Drachten, dan naar Beetsterzwaag en Gorredijk. Dan een ronde naar Leeuwarden, met na het werk een ronde door de stad en en paar exemplaren die op de terugweg werden langsgebracht. Vrijdags bezorgde ik meestal met Anny de abonnees op de grote ronde, die liep van Houtigehage via Dokkum en Oosternijkerk naar Harlingen en dan met een bocht en een slinger via Sneek en Heerenveen terug. In de zomer bezorgde ik de exemplaren in Haulerwijk, Een, Norg en Yde ook zelf en twee in Haren,  en een keer bezorgde ik een exemplaar bij Menko Holtman in Usquert. Dat waren prachtige fietstochten. Zo kon ik zuinig uitgeven. De rest een stuk of tien gingen op de post, waarvan een naar Frankrijk.

Jan was nooit bang om anders te denken dan de gevestigde orde. Met Wouter van der Horst, destijds conservator van Museum Drachten, zorgde hij bijvoorbeeld voor ophef door een artikel over de 'strijdbijl van Wijnjeterp'.

Daarin stond dat die prehistorische vuistbijl niet gevonden zou zijn door Hein van der Vliet, maar dat die hem gewoon had gekocht van een paar jongens. Familie Van der Vliet boos, allerhande stukken in de Leeuwarder Courant, Jan Post naar de Raad voor Journalistiek. Daar stelde hij dat hij met het blad was gestopt juist door al die stukken in de LC, want die hadden hem abonnees gekost. De Raad gaf hem geen gelijk.

++++

Vanmorgen was de krant niet bezorgd, ook niet toen nadat ik een rondje met Schumi had gelopen. Ik wilde al bellen met de bezorgservice, maar dacht, laat ik nog even in de straat kijken of de bezorger ergens fietst. Anders krijgt zo'n jongen onterecht op zijn kop.

En ja, een eindje verderop fietste een man met een blauwe bezorgerstas. Hij keek op een papiertje, stopte een krant in een bus en leek uit de verte wel wat op Jan Post.

Hij zag mij ook, en zwaaide.

,,Ben je echt Jan Post?'', riep ik.

Hij knikte en fietste naar me toe. ,,Bezorg jij tegenwoordig die vermaledijde Leeuwarder Courant?'', vroeg ik.

,,Ik ha neat tsjin op de Ljouwerter Krante'', zei hij. ,,En ik moat myn fondsen oanfolje.'' Hij raadpleegde weer zijn briefje, hij moest nog naar een adres in deze straat.

,,Kom je ook nog bij mij langs?'', vroeg ik.

,,Welk nûmer'', wilde hij weten.

,,73'', zei ik.

,,Dan haw ik dy fan dij by de buorlju yn de bus stopt'', zei hij. ,,En ik ha gjin ekstra kranten mei.''

Hij keek naar de deur van de buren, en toen weer opgewekt naar mij. ,,Sjoch, hy stekt noch in stukje út de bus'', zei hij. ,,Ik piel him der wol wer út, lit dat mar oan de ekspert oer.''

zaterdag 14 oktober 2017

Een compliment van Mata Hari

Zonet werd het beeldje van Mata Hari op de Kelders in Leeuwarden her-onthuld. Het is allemaal Mata Hari wat de klok slaat, want vandaag is het 36.525 dagen geleden dat ze werd doodgeschoten, op een maandagmorgen aan de zuidkant van Parijs, en morgen is dat precies een eeuw geleden.

Er waren bubbels, er werd een gedicht voorgelezen, beeldhouwer Ben van der Geest liet de mallen zien die hij gebruikt had voor de flappen aan haar hoofddeksel, want die zijn jaren geleden van het beeld afgebroken en verdwenen. Op de stoep verderop passeerde André Keikes. Toepasselijk, want zijn vader was destijds een van de initiatiefnemers voor dit beeld.

En er kwam een oldtimer voorrijden met een Mata-Harilookalike erin. Zij trok, met wethouder Sjoerd Feitsma, het doek van het beeld en daarna kon je voor 1 euro met de lookalike en het beeld op de foto. Dat leek me wel wat voor Schumi, en zo kwam bovenstaand polaroidplaatje tot stand. Van het standbeeld zijn nog net de benen te zien.

,,Wat een schatje'', zei Mata Hari. Een groot compliment, want al had ze vermoedelijk geen huisdieren, zij heeft veel verstand van schatjes.

(De foto hiernaast is gelijktijdig gemaakt, door Dirk Kamminga)